
| Elckerlijc | Met dank aan Harm Scholte en Hellen Gieske Terug Foto's van de opvoering |
In 1963 werd het Middelnederlandse stuk Elckerlijc opgevoerd. Elckerlijc is een vijftiende-eeuwse Nederlands allegorisch (=tekst waarin abstracte begrippen als personage worden weergegeven) toneelspel van een onbekend auteur. Over de opvoering volgt nog informatie.
Op last van God, die de mensen bezonken ziet in weelde en genietingen, begeeft Doot (=de dood) zich naar Elckerlijc (=iedereen/alle mensen), die verantwoording moet afleggen van zijn leven, dat hij in feestvreugde en zondig heeft geleefd. Hij moet een pelgrimage naar de hemel ondernemen. Elckerlijc probeert deze tocht uit te stellen, door geld aan Doot aan te bieden, maar deze is onverbiddelijk. Elckerlijc mag echter wel enkele metgezellen uitzoeken voor de reis die hij gaat maken. Hij benadert Gheselschap (=zijn vrienden), Maghe en Neve (=familieleden) en Tgoed (=zijn aardse bezit), maar zij laten hem allen in de steek, terwijl ze beloofd hadden altijd met hem mee te gaan, ook al was het naar de hel. Doecht (=het goede in de mens) wil graag met hem meegaan, maar is te zwak om hem te vergezellen, door alle slechte daden die Elckerlijc in zijn leven heeft begaan. Ze adviseert hem wel om naar Kennisse (=inkeer) te gaan. Deze leidt hem naar Biecht, waar Elckerlijc boete doet voor al zijn zonden. Hierdoor wordt Doecht beter en is klaar om mee te gaan. Scoenheit (=schoonheid), Vroescap (=wijsheid), Cracht (=kracht) en Vijf Sinnen (=de vijf zintuigen) besluiten ook mee te gaan. Dankzij de Vijf Sinnen vindt hij God maar zodra hij de Heilige Communie heeft ontvangen verlaten Vijf Sinnen, Scoenheit, Cracht en Vroetscap hem. Zij zijn namelijk aardse eigenschappen, maar Kennisse blijft als enige niet-aardse eigenschap bij hem tot in zijn graf, waar hij door een engel wordt opgewacht.
| Tekst: | Anoniem |